zaterdag 25 december 2021

Juan Manuel Fangio

Juan Manuel Fangio

mogelijk herkent u hem niet meer
maar hij is het wel degelijk
:
Juan Manuel Fangio de autoracer

In de GP van Duitsland startte hij
vanaf pole met slechts half gevulde
tanks en had halverwege een

behoorlijk comfortabele voorsprong
voor een geplande pitstop opgebouwd
,
maar de wielmoer van het rechter

achterwiel rolde onder de auto en
met een bijna onoverbrugbare achterstand
kwam hij als derde terug in de race
.

Na een schitterende inhaalrace
waarin de ontketende Fangio
ronderecord na ronderecord brak

sleepte hij in de laatste ronde
alsnog de overwinning binnen
,
waarbij hij het ronderecord 24,2
seconden scherper zette
.

Cubaanse rebellen ontvoerden hem op
23 februari 1958 op de vooravond
van de
"Gran Premio de Cuba 1958", maar
lieten hem een dag later weer vrij
.

Fangio overleed op 17 juli 1995, op
84
-jarige leeftijd. Hij ligt begraven
in Buenos Aires in Argentinie
.

Krankzinnigen

Krankzinnigen

ineens stonden zij op
keken ons kwaad aan
hun gezichten waren
verwrongen
, vooral hun
monden waren grimassen en bij
sommigen waren de tanden
gruwelijke implantaten
.

in het midden staat de
aanstichter van alles
: een
echte gek wiens ogen
puntjes zijn in een gehavend
gezicht dat bekroond
wordt met een scheve
mond die juist geroepen
heeft
: Sta op, krankzinnigen !!

Onbekende soldaat

Onbekende soldaat

dit zou George Patton kunnen zijn,
ware het niet dat die geen snor droeg,
toen hij militairen mishandelde die
leden aan zware shell-shock en ze
uitschold voor lafaards.
In december 1945, een dag voor hij terug zou
vliegen naar de VS, werd de auto van Patton
geramd door een vrachtwagen.
Hij raakte verlamd tot aan zijn nek en stierf in
een ziekenhuis te Heidelberg aan de gevolgen van een
longoedeem en hartfalen.
Patton werd zestig jaar oud.
Hij ligt begraven op het Amerikaanse oorlogskerkhof in
Hamm, stadsdeel van Luxemburg, waar nog jaarlijks
bewonderaars van de generaal hem eer komen bewijzen.

Maar dit is een onbekende soldaat met snor en sigaret.

Twee bezoekers

Twee bezoekers

Zaten naast elkaar te zwijgen
achter een negentiende eeuwse
cafétafel vol met peuken.
Ze lijken wat bedrukt en kijken
terug op een krankzinnig tijdperk
waarin een koning en keizerrijk
ten onder ging en zij hun beste werk
v e r r i c h t e n.
Ze zaten te zwijgen over hun
toekomst die niet lang
meer zou duren.
De een vanwege zijn drankzucht
de ander vanwege zijn schrijvers
t o e k o m s t
die hem niet langer
geduld zou worden
want door de ramen zie je
vlammen al lekken
aan hun boeken en herinneringen.
L e k k e n.


Zakenlieden

Zakenlieden

Waren het roerend eens over de winsten die
zij zouden behalen over de ruggen van de
arbeiders, de stommelingen die nooit begrepen
waar het in het zakenleven om ging: profijt.
Zij waren het zo eens dat zij hun jassen één
maakten, een siamees zakenverbond.

De een was kalend met een snor, de ander een
biljartbal die je met een keu kon stoten

naar een luguber eindspel van nul en niks.

Zo stonden zij in het tijdperk 1127 aan de
vooravond van de grote beurskrach die hun in
een flits straatarm zou maken.

Gelukkig hadden zij hun siamese jas nog om
het warm te houden in het tijdperk 1127.

Zelfportret

Zelfportret

zie mijn kaken zwaar gearceerd
zie mijn pet met forse strepen
zie mijn revers met zware lijnen 


mijn neus is het ergst toegetakeld

met de strakke lijnen op de vleugels kun
je beter geen meningsverschillen hebben

in mijn mond heerst slechts ja of nee
meer talen kan hij niet spreken of
het moet de militaire buikspreker zijn

die hem voorzegt dat het borstinsigne
is toegekend na een gedienstige zwaai
van de militaire oppercommandant

dat het behalen van insignes niets zegt
over de gruwelijke taferelen waarin
het zich heel nadrukkelijk afspeelde.

 

Zij

Zij

Ze keek hem verleidelijk aan
maar hij zou haar maar voor
de helft bezitten, want haar onderlijf
was afgeplakt met zwaar tekenpapier.